Januari 2015

Waar ik al die tijd op mij heb gewacht

 

gevangen in een tekening van een jongen:

een blauwgekleurde trein zonder station,

luisterend naar wolken tot ik geen wind meer voel.

 

Daar waar zinnen in onzichtbare koffers

tussen kleren en schoenen opgeslagen liggen.

 

Is het in een wachtkamer waar

achter winddichte ramen en deuren

een oude en een nieuwe klok tikt,

 

is het daar dat tijd zijn traagste wijzers heeft?

 

(jaarwisseling 2014 - 2015, F.A.Brocatus,

in juli 2014 gepubliceerd als 21e gedicht in het kettinggedicht dat begon met "Eb" van Maria Vasalis,

een initiatief van Jos de Decker)

December 2014

TWEE ZANDLOPERS

 

Je hebt een huis achtergelaten maar het is

dezelfde hand die hier een nieuwe deur opent.

 

Je laat je vertrouwde wieltjeskoffer nog even

in de gang staan. Jouw woorden en zwijgen onder

het zesdelige cijferslot. De code is en blijft

jouw omgedraaide geboortedatum.

 

Je loopt door de kamers, meet de afstanden,

bij een raam aan de voorkant blijf je stilstaan,

je kijkt naar de straat en je weet dat het slechts

twee zandlopers zal duren vooraleer iemand

 

in de straat zich omdraait en zegt: "Ik herkende je

voetstappen." Met dezelfde hand zul je een hand geven.

 

(F.A.Brocatus - voorgedragen bij de installatie van Joerie Minses als nieuwe burgemeester van Alphen-Chaam op 18 november 2014)

November 2014

OVERGAAN

 

laat het stil zijn gebroken wit

en uitgestreken sta achter een raam

zie hoe ijswind op kale bomen ademt

 

je weet dat er altijd iemand is

 

die bloemen meebrengt vandaag

zijn het bloedende rozen en morgen

sluiten doodstille lelies je ogen.

 

(F.A. Brocatus - gedicht bij het gelijknamige schilderij van Marianne Schellekens,gepubliceerd in De Vallei XXII)

Oktober 2014

SISSINGHURST CASTLE & GARDENS

 

Zoals een graaf te paard haar laarzen dichtgeregen

de torenuil, niet de jachtvalk, uitkijkend 

over de taxusmuren van weidse buitenkamers.

 

Van hertenleer, van wijn op lippen haar blik

wanneer in de verte erfhonden blaften

(eens toen een wolfshond lang en klaaglijk huilde

berichtte men daarna over de dood in het water).

 

Als geen een kende zij

de scharlaken schaamte

van bloemen in de knop.

 

Als geen ander weerde zij

met vingers van gras de stengels,

verloor er meermaals

de grond onder haar voeten.

 

(F.A.Brocatus - uit: Rozenoog, zeekelk - WEL - Bergen op Zoom - 2006)